Computeren (spreek uit: kompjoeteren) begint nog voor u op de aan-knop van uw computer drukt. Vooraleer we daarmee van start gaan: talk the talk. Oftewel: de woordenschat van uw nieuwe hobby.
We starten met de basis. Doet u gerust hardop mee, er is niets om u voor te schamen. Oefening baart kunst.
-
Pc (spreek uit: pee-see)
zelfst. naamw., computer
“Mijne pc is ‘nen hele snelle bak.” -
Opgooglen (spreek uit: opgoegelen)
ww, iets op het internet opzoeken
“Ik weet het niet, maar ik zal het eens opgooglen.” -
Systeem
zelfst. naamw., alles wat te maken heeft met computergebruik en waarvan u de naam niet kent
“Het systeem doet raar.” -
Virtueel
bijv. naamw., niet vastpakbaar
“Ik heb ‘ne virtuele loverboy.” -
Skype (spreek uit: skaaip)
zelfst. naamw., gratis telefoneren via de computer
“Ik heb ons Leen daarstraks nog op skype gezien en alles is goed.” -
Crashen (spreek uit: kresjen)
ww, niet doen wat u vraagt
“Ik kwam nergens aan, en toch crashte mijne computer.”
Niet vergeten: blijven oefenen! Volgende week gaan we verder met… Windows!
Filed under: Computertips |

Flora, ben je er zeker van dat het niet is: ik heb onze Leen daarnet nog geskypet?
En opgooglen is ok?
Vrouwe Flora,
Ik was gisteren naar Blokken aan het kijken op de verrekijk en toen leerde ik zowaar een nieuw woordje:
‘muizen’ = werken met de computermuis, de muis hanteren.
Leuk toch?
Uw Drs.